Schoonmaken Mezenkastjes

Op 9 oktober hebben de mezenkastjes, die op 20 maart in en rond Onnen zijn opgehangen, een schoonmaakbeurt gehad.

Drie groepjes enthousiaste Onnenaren hebben die ochtend op Felland, in het dorp en op Zuidveld gekeken of de kasten het afgelopen broedseizoen zijn gebruikt en als dat het geval was, genoteerd wat ze aantroffen.

In 27 van de 39 kasten bleek een nest of het begin daarvan te zitten (69%), alle gemaakt door mezen.

De nesten van mezen zijn te herkennen aan een, vanwege de wat diepe kasten, soms wel tien cm dik ‘fundament’ van mos. Daarboven op vlechten ze het eigenlijke nest van schapenwol, honden- of paardenharen en al wat er aan dit soort fijn materiaal in de buurt van de kast voorhanden is.

Verwijderde nesten Zuidveld

Alhoewel helaas niet alle broedsels succesvol uitgekomen zijn is -gezien het vrij late moment van ophangen van de kasten- dit toch een onverwacht hoge uitkomst.

Dood pimpelmeesje

Op Felland, waar 10 kasten zijn opgehangen, was de bezetting 80 %. Eén daarvan was zeker van een pimpelmees getuige een dood jong dat Theo Berends, Bernard van der Lei, Germ Abbring en Ben Hoentjen in een kast aantroffen. Het is zeer waarschijnlijk dat al deze nesten een of meer uitgevlogen jongen hebben opgeleverd.

Schoonmaken van mezenkasten op Felland
Niet uitgekomen eitjes

Op Zuidveld (12 kasten) was de bezetting vergelijkbaar met die op Felland, maar hier waren twee mislukte broedsels. 

In een kast troffen Karin van der Tol-ten Dam en Jan Bunt een nest met zes niet uitgekomen eitjes aan en in de kast ter hoogte van de familie Steenbergen lagen enkele bijna vliegvlugge jongen, vermoedelijk koolmezen.

De bezetting van de kasten op de hoek van de Mottenbrink en de Lange Landweg, waar Henk en Ivan Wolters de kasten langs liepen en Jan Bunt de kast op Gieselgeer, was ongeveer even hoog als op Zuidveld en Felland. Maar omdat hier maar vier kasten zijn opgehangen tikt een mislukt broedsel hard aan.

    

Kast inspectie op de Dorpsweg

Jos Fokkelman, Annette Landkroon en Judith Arish troffen op de Dorpsweg daarentegen regelmatig een lege kast; iets meer dan de helft van de 13 kasten was maar door een mees in gebruik genomen. Eén nest is niet afgemaakt.

Enkele kasten zijn zichtbaar ook als slaapplaats gebruikt, getuige de poepjes in het verlaten nest of op de bodem van de kast. Van een aantal kasten is de vliegopening flink uitgehakt door een specht.

Achtergebleven rommel
Vergrootte vliegopening

Zo’n verzameling van mos, haren en veertjes is ook een ideale leefomgeving voor allerlei insectenvolk, in het bijzonder nachtvlinders. In verschillende kasten werden de cocons van verpopte motten gevonden en soms enkele dode Plakkers, een forse witte nachtvlinder.

Dode Plakkers in de kast op Felland


Op het kaartje hieronder is aangegeven welke kasten bezet zijn geweest (in rood) en per gebied zijn daarin ook de resultaten in beeld gebracht.

Met veel dank aan alle vrijwilligers, die ervoor gezorgd hebben dat de kasten weer klaar zijn als slaapplek voor de wintermaanden en voor het komende broedseizoen.

Henk Wolters en Ben Hoentjen